Foto

Rosj-Hasjanàh is het Joods nieuwjaar. Het valt op de eerste 2 dagen van de Hebreeuwse maand Tisjrie. Overal ter wereld wordt op deze dag door de Joden het Joods nieuwjaar gevierd. In de Bijbel wordt de feestdag als zodanig nergens genoemd. Toch werd er door God wel een dag aangewezen waarop men een speciale Shabbat moest vieren.

In de zevende maand nu, op de eerste dag van de maand, moet u een heilige samenkomst houden; geen enkel dienstwerk mag u dan doen. Het is voor u een dag aangekondigd door bazuingeschal. (Num. 29 : 1 HSV)

De dag wordt daarom ook wel Jom-Teroeàh (dag van het bazuingeschal) genoemd. Hoe de dag verder ingevuld werd is nog altijd niet bekend. Wel zijn er in de Joodse traditie bepaalde rituelen en voorschriften ontstaan die men over het algemeen wel navolgt. De dag is uitgegroeid tot een ware feestdag omdat hij tijdens de nieuwe maan van de zevende maand valt en het oogstfeest voor de deur staat. Daarna breekt het regenseizoen aan dat nieuwe vruchtbaarheid zal brengen.

De maand voorafgaand aan Rosj Hasjanàh is de maand Eloël. Ter voorbereiding op de Hoog Heilige dagen wordt er in deze maand elke ochtend na de synagogedienst 1 keer op de Shofar geblazen, (behalve op Shabbat) oproep tot overdenking en daadkracht.

Met Rosj Hasjanàh beginnen de Noraiem (De tien ontzagwekkende dagen) Dat is de periode tussen Rosj Hasjanàh en Jom Kippoer. Van iedereen wordt dan verwacht dat hij zich onderwerpt aan zelfonderzoek en vaststelt wat hij in het afgelopen jaar verkeerd heeft gedaan en wie hij kwaad berokkend heeft. Men vraagt hiervoor vergeving aan God en aan zijn medemensen op Jom Kippoer (Grote Verzoendag) 

De meeste Joodse feestdagen duren 1 dag. Rosj Hasjanàh is hierop een uitzondering want dit feest duurt 2 dagen. Dit zijn de Hoge Feestdagen. De tussenliggende dagen heten chol hammoëd (halve feestdagen) dat zijn dagen waarop wel gewerkt mag worden, zij het met mate.

Het Joods Nieuwjaar onderscheidt zich van andere nieuwjaarsvieringen omdat het een moment van berouw, zelfonderzoek en bekering is en niet van uitgelatenheid en lawaai.

De belangrijkste gebruiken:

  • De dag begint, net als iedere andere dag, met zonsondergang en wordt gevierd met een  uitgebreide Shabbats maaltijd met feestelijke details.
  • Men draagt vaak eenvoudige witte kleding om zichzelf te herinneren aan de heiligheid en zuiverheid van de tijd.  
  • Er wordt veel gebruik gemaakt van het speciale gebedenboek voor de Hoge Feestdagen de Machzor. Veel gebeden zijn in dichtvorm en worden vaak gezongen.
  • Psalm 27 wordt van het begin tot het eind van de maand Eloël gelezen.
  • In de maand Eloël worden de graven van familieleden en vrienden bezocht.
  • Het groeten van de mensen met sjanàh tovàh.
  • Het sturen van nieuwjaarskaarten aan familie en vrienden.
  • Het dopen van stukjes appel en challah in honing in plaats van in zout en het opzeggen van het volgende gebed aan het begin van het feestmaal: ‘Jehi ratzon mil fanechàh Adonai Elohénoe v’Elohé awoténoe sje’tehadesj alénoe sjanàh tovàh oemétoekàh’ (Moge het Uw wil zijn, o God onze Heer en God onzer vaderen, dat u ons een zoet en goed nieuw jaar schenkt)
  • Eén van de belangrijkste Joodse zegeningen is de sjehehe’janoe die wordt uitgesproken bij elke nieuwe gebeurtenis in het jaar, inclusief de eerste avond van de feestdagen. Bij Rosj Hasjanàh gebeurt dit bij het aansteken van de kaarsen en het uitspreken van de kiddoesj over de wijn. De zegenbede luidt: ‘Baroech Ata Adonai, Elohénoe, melech ha’olam sjehehe’janoe v’kiemanoe v’hiegiejanoe laz’man hazèh.’ (Gezegend Gij, o God onze Heer, koning van het heelal, die ons in leven heeft gehouden, de kracht heeft gegeven en ons in staat heeft gesteld dit moment mee te maken)
  • De tweede avond wordt er een exotische vrucht op de tafel gelegd, bijvoorbeeld  een granaatappel, een dadelpruim, een papaja, een mango of een kiwi. Men denkt daaraan als de sjehehe’janoe opgezegd wordt bij het aansteken van de kaarsen of als de kiddoesj over de wijn wordt uitgesproken. Na de kiddoesj wordt de vrucht in honing gedoopt en opgegeten.
  • Het opdienen van 2 ronde Challot (vaak gebakken met krenten en rozijnen) die de rondheid en de volheid van het leven symboliseren. Sommigen zien in de ronde Challot ook de vorm van een kroon als symbool voor het Koningschap van God.
  • Dan bestaat er nog een gebruik dat Tasjliech heet. Op de middag van de eerste dag van Rosj Hasjanàh schudden sommige mensen hun zakken leeg en gooien ze broodkruimels in het water. Ze zeggen daarbij gebeden op die gaan over het afwerpen van hun zonden en over boetedoening die ze ontlenen aan de profeet Micha en andere teksten. (Hij zal Zich weer over ons ontfermen, Hij zal onze ongerechtigheden vertrappen, ja, U zult al hun zonden werpen in de diepten van de zee. Micha 7:19 HSV)